Documentaire “Expelled”: Academische vrijheid geldt alleen evolutionist

Expelled

Expelled

Op een universiteit staat academische vrijheid hoog in het vaandel. In naam althans. De werkelijkheid blijkt anders. Alles mag geroepen worden, zolang gevestigde denkbeelden maar met rust gelaten worden.

In de documentaire ”Expelled” –wat uitgestoten of genegeerd betekent– vertellen vijf Amerikaanse wetenschappers over hun aanvaring met darwinisten, die er nauwlettend op toezien dat Intelligent Design op de universiteit buiten beeld blijft: „God mag geen voet tussen de deur krijgen.”
Zo eindigde de academische loopbaan van dr. Caroline Crocker, voormalig docent celbiologie aan de George Mason Universiteit, abrupt én definitief. Tijdens haar college opperde ze de mogelijkheid van intelligent design en belandde daardoor op een zwarte lijst.

Volgens de universiteit hoort intelligent design bij godsdienstonderwijs en niet bij biologie. „Geeft de academische vrijheid geeft het recht om over vanalles en nog wat te praten? Het antwoordt is: nee.”

Geniepig en laaghartig

Ook Michael Egnor, hoogleraar neurochirurgie aan de State University of New York, haalde zich de woede van zijn collega’s op de hals, toen hij stelde dat de evolutietheorie niet relevant is voor een studie geneeskunde. „Darwinisten waren er snel bij om deze nieuwe behandelingsmethode uit te roeien.”

Een online-smaadcampagne volgde en darwinisten probeerden zijn universiteit te dwingen hem te ontslaan. „Ik was geschokt door het geniepige en laaghartige van hun reactie”, aldus Egnor.

Ingaan tegen de gevestigde orde kan ook veel geld kosten. Dat ondervond Robert Marks, hoogleraar aan de Baylor Universiteit. Darwinisten ontdekten dat zijn website ”Evolutionairy Informatics Lab” gehost werd vanuit de server van de universiteit. De site promootte intelligent design en Marks werd daarbij gesteund door prominente voorvechters als William Dembski.

De universiteit sloot de website daarop af en vorderde 30.000 dollar subsidie terug. „Wanneer je in verband gebracht wordt met voorstanders van intelligent design, kan dat gevaarlijk zijn voor je carrière”, stelde de protestantse creationist Marks, die overigens openlijk voor zijn overtuiging uitkomt.

Intellectuele terrorist

Het werk van astrofysicus Guillermo Gonzalez maakte de ontdekking van nieuwe planeten bij andere sterren dan de zon mogelijk. Toch liep de toponderzoeker een promotie aan de Iowa State University mis. De universiteit stelde „dat Gonzalez zijn eervolle benoeming niet heeft gekregen, omdat hij het excellentieniveau niet heeft dat nodig is voor een dergelijke promotie.”

Gonzalez bestrijdt dat: „De atmosfeer rond mijn persoon raakte helemaal vergiftigd. Ik zou mijn promotie zeker ontvangen hebben, als ik niet in verband was gebracht met intelligent design.” Hij had namelijk het boek ”The privileged planet” geschreven, waarin hij verdedigde dat het universum intelligent ontworpen moet zijn.

Een redacteur en evolutiebioloog aan het Smithsonian Instituut, dr. Richard Sternberg, moest zijn kantoor verlaten en werd onder druk gezet om ontslag te nemen. Gelijktijdig werd zijn politieke en godsdienstige visie onder de loep genomen. „Ik ben het doelwit van religieuze en politieke vervolging. De voorzitter van de faculteit noemde me een intellectuele terrorist.”

Het vergrijp van de rooms-katholieke Sternberg was dan ook ernstig. Hij had een artikel van intelligent design-voorman Stephen C. Meyer gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the Biological Society of Washington. In het slot van het gewraakte artikel stond één keer de term ‘intelligent design’ vermeld. En dat was één keer teveel.

Mistige kamer

De Engelstalige video maakt duidelijk dat de wetenschappelijke wereld parallellen vertoont met het leven achter het IJzeren Gordijn. Het evolutionistische standpunt doortrekt de wetenschap als een zuurdesem en de academische vrijheid wordt beknot.

Achter het intellectuele IJzeren Gordijn betrekken onder meer felle atheïsten de wacht over de ‘academische vrijheid’. Het gaat om wetenschapshistorici als William Provine en Michael Shermer, de evolutiebioloog Richard Dawkins en de bioloog Paul Myers. Shermer meent dat Intelligent Design al voor driekwart op weg is naar volslagen onzin. „Het is onbewezen.” Dawkins ziet echter overweldigend bewijs voor evolutie. „Het is een feit.”

Dr. David Berlinski, een agnost, stelt daarentegen dat boven aan de ”ladder van geloofwaardigheid” wiskunde en natuurkunde staan; de evolutietheorie bungelt ergens onderaan. „Zou de theorie correct kúnnen zijn? Die vraag moeten we eerst stellen. Niets in deze theorie is afdoende bewezen. Het is als een mistige kamer vol rook.”

Intelligent creationisme

Myers vindt het veronderstellen van een intelligente ontwerper hetzelfde als „geloof in sprookjes, dwergjes en engeltjes. Het brengt creationisme terug in de klas.”

Dr. Paul Nelson van de Bibleschool in Los Angeles ontkent dat intelligent design hetzelfde is als creationisme. „Creationisten redeneren vanuit de Bijbel: Ze proberen wetenschappelijke feiten in overeenstemming te brengen met de Bijbel. Intelligent design daarentegen trekt uit wetenschappelijk onderzoek de conclusie dat een intelligente ontwerper de meest waarschijnlijke verklaring geeft voor het waargenomen verschijnsel. Maar dat hoeft in die visie niet noodzakelijkerwijs God te zijn.”

Het is frappant dat tijdens de interviews seculiere wetenschappers, als de scheikundige Peter Atkins, intelligent design desondanks zonder commentaar op één hoop vegen met religie en creationisme. „Het is religie. Het is fantasie.”

Volgens Myers is religie iets voor het weekend. „Iets voor dwaze, misleide personen”, aldus Dawkins. Daarmee is de toon gezet: Er is academische vrijheid zolang het darwinisme niet ter discussie wordt gestelt.

Pseudowetenschap

Dr. Wolf-Ekkehard Lönnig, hoofdonderzoeker en geneticus bij het Duitse Max Planck Institut in Berlijn, kwam eveneens in aanvaring met het heersende darwinistische dogma, zo vertelt hij op de dvd ”Waar is de aapmens?” (www.oude-wereld.nl).

De voortgang van de evolutie is afhankelijk van positieve mutaties, menen evolutionisten. Lönnig: „Vanuit de plantenveredeling is echter bekend dat 99,9 procent van alle mutaties nadelig is voor het organisme.”

Op basis van twintig jaar wetenschappelijk onderzoek aan genetische veranderingen bij planten stelt Lönnig zijn ”wet van de terugkerende variatie” op: „Het aantal bruikbare verschijningsvormen is begrensd. Primaire soorten kunnen niet door mutatie ontstaan.”

Zijn wet wordt echter genegeerd. Ondanks dat het darwinistische Verband Deutscher Biologen geen wetenschappelijke argumenten kan aanvoeren tegen het onderzoek van Lönnig, zorgt het er wel voor dat het instituut zijn website in 2003 afsluit.

Die Zeit pikt het nieuws op en noemt Lönnigs werk ”pseudowetenschap”. De krant meldt dat het Max Planck Institut zich belachelijk gemaakt voelt. Een ingezonden brief van Lönnig is niet meer geplaatst.

Handvol erwtenzaad

Een tijdgenoot van Darwin was de Oostenrijkse monnik Gregor Mendel. Waar Darwin een lange reis nodig had om zijn theorie te bedenken, gebruikte Mendel slechts een handvol erwtenzaad en een stukje kloostertuin, zo toont de dvd ”Einsteins waarschuwing” (www.oude-wereld.nl). Op basis van kruisingsproeven herleidde Mendel een wiskundige wetmatigheid voor de genetische overerving, de Wet van Mendel. Hij ontdekte dat erfelijke eenheden een constante zijn, in tegenstelling tot Darwin, die geloofde in een toename van complexiteit van organismen. Mendel realiseerde zich een ontdekking gedaan te hebben die voor de toekomst van de wetenschap van groot belang zou zijn. In 1866 publiceerde de monnik zijn bevindingen in een vaktijdschrift en stuurde dat op naar ruim 120 bekende universiteiten en hogescholen. Mendel oogstte echter spot, verwerping en ontkenning. De Duitse evolutionist Ernst Haeckel wilde er niets van weten en probeerde de evolutieleer verder te onderbouwen met Darwins theorie van de overerving van verworven eigenschappen en natuurlijke selectie. Die hypothese bleek echter speculatie, in tegenstelling tot de reproduceerbaarheid van Mendels experimenten. De gangbare wetenschap aanvaarde zijn wet echter pas in 1900 als correcte beschrijving van de biologische werkelijkheid.

Bron: RD-Bart van den Dikkenberg

Advertenties